Helpdeskvraag
Peter en Ina zijn in gemeenschap van goederen gehuwd. Peter heeft alle aandelen in Timmerbedrijf Handige Harrie B.V. Op de balans van de bv staat zowel een lijfrente- als een pensioenvoorziening. Naast een uitkering voor Peter, voorzien de oudedagsvoorzieningen in een nabestaandendekking ten gunste van Ina. Helaas komt Ina te overlijden. Waar moet je rekening mee houden in de diverse fiscale aangiften?
Gevolgen aangifte inkomstenbelasting
Aanmerkelijkbelangaandelen
Het overlijden van Ina leidt tot een fictieve vervreemding van de helft van de aandelen in de bv (artikel 4.16, lid 1, onderdeel e Wet IB 2001). Want ondanks dat Peter de aandelen daadwerkelijk houdt, vallen de aandelen in de gemeenschap van goederen.
Er kan een beroep worden gedaan op de doorschuiffaciliteit van artikel 4.17a Wet IB 2001, als aan de voorwaarden wordt voldaan. Deze faciliteit zorgt ervoor dat de belastingclaim wordt doorgeschoven naar de erfgenamen, waardoor directe belastingheffing kan worden voorkomen. Een belangrijke voorwaarde is dat de bv een materiële onderneming moet drijven.
Kan er geen beroep worden gedaan op de doorschuiffaciliteit, dan moet inkomstenbelasting worden betaald over het verschil tussen 50% van de werkelijke waarde en 50% van de verkrijgingsprijs. De verkrijgingsprijs van Peter wordt verhoogd met het bedrag waarover via de overlijdensaangifte van Ina inkomstenbelasting wordt betaald.
Aangifte erfbelasting
Aanmerkelijkbelangaandelen
In de aangifte erfbelasting moet de helft van de werkelijke waarde van de aanmerkelijkbelangaandelen worden aangegeven als onderdeel van de nalatenschap van Ina. Onder voorwaarden kan een beroep worden gedaan op de bedrijfsopvolgingsregeling van artikel 35b Wet SW. Deze regeling kan alleen worden toegepast op ondernemingsvermogen. De werkelijk verschuldigde inkomstenbelasting bij overlijden van Ina dan wel de latente inkomstenbelastingclaim op de aandelen, komt in mindering op de nalatenschap van Ina.
Vrijval pensioen- en lijfrentevoorziening
Wanneer Ina overlijdt, kan de waarde van de aandelen die Peter al heeft (de andere 50%) in Timmerbedrijf Handige Harrie B.V. stijgen door het overlijden van Ina. Het wegvallen van de nabestaandendekking bij overlijden van Ina kan namelijk leiden tot een vrijval van de lijfrente- en pensioenvoorziening op de balans van de bv.
Artikel 13a SW bepaalt dat deze waardestijging wordt gezien als een fictieve erfrechtelijke verkrijging door de houder van die aandelen, in dit geval Peter. Dit betekent dat de waardestijging van de aandelen van Peter door de vrijval van de oudedagsvoorzieningen moet worden aangegeven in de aangifte erfbelasting van Ina.
Aangifte vennootschapsbelasting
Doordat de nabestaandendekking wegvalt, valt de lijfrente- en pensioenvoorziening deels vrij in de winst van Timmerbedrijf Handige Harrie B.V. Deze vrijval is belast met vennootschapsbelasting. Deze belastingschuld vermindert wel de waarde van de aandelen.
Conclusie
Het overlijden van Ina in een huwelijk onder gemeenschap van goederen met Peter heeft fiscale gevolgen voor zowel het aanmerkelijk belang van Peter als de lijfrente- en pensioenvoorzieningen in Timmerbedrijf Handige Harrie B.V. Het is daarom belangrijk om deze gevolgen goed te begrijpen en tijdig de juiste fiscale aangiften te doen om vervelende verrassingen te voorkomen.