Elke werkdag bereikbaar op 033 433 72 17
7 mei 2024 Nieuws

Onontkoombare discontinuïteit: ontbinding en verslaggevings- verplichtingen

Nu veel bedrijven nog steeds in zwaar weer zitten, is de vraag of de onderneming nog levensvatbaar is, een actueel thema. Via reorganisaties, saneringen en herfinancieringen proberen ondernemers en hun accountants de onderneming te redden. Soms is dat niet mogelijk en is discontinuïteit onontkoombaar.[1] Hoe kan de rechtspersoon ontbonden worden en welke verslaggevingsverplichtingen gelden er dan nog voor de onderneming die ontbonden wordt? Dit artikel gaat in op deze vragen, speciaal met betrekking tot de besloten vennootschap (bv).

Ontbindingsmogelijkheden vennootschap

Een rechtspersoon kan op diverse manieren worden ontbonden.[2]  De bijbehorende jaarrekeningverplichtingen variëren vervolgens afhankelijk van de feitelijke situatie. Raadpleeg wat de statuten van de vennootschap bepalen over ontbinding aangezien het gaat om een onomkeerbaar besluit. Ontbinding van de rechtspersoon kan o.a. door een besluit van de algemene vergadering of faillietverklaring. Bij ontbinding kunnen zich vervolgens verschillende scenario’s voordoen:

Ontbinding met vermogen

In dit geval is sprake van een bv met baten die vereffend (verdeeld) moeten worden.

Bij een ontbinding met vermogen blijft de rechtspersoon na ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van het vermogen nodig is.

Meer baten dan schulden

Een vereffenaar (meestal een bestuurder) wordt via een ontbindingsbesluit van de vergadering van aandeelhouders benoemd. Van de ontbinding wordt opgave gedaan bij de Kamer van Koophandel.[3] Tijdens de vereffening (‘liquidatie’) worden vervolgens de lopende zaken afgewikkeld, vorderingen geïnd, schulden betaald, voorraden verkocht.
Achter de statutaire naam van de rechtspersoon moet in alle stukken aankondigingen ‘in liquidatie’ worden toegevoegd. Het vermogensoverschot wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders (tenzij de statuten anders bepalen).

De vereffening moet gedeponeerd worden bij de Kamer van Koophandel. In alle gevallen moeten de vereffenaars ook via een advertentie in een nieuwsblad bekendmaken waar en tot wanneer de stukken ter inzage liggen. Als er binnen de verzetstermijn van twee maanden geen bezwaren zijn en de vereffening is afgesloten eindigt de vennootschap na inzending van formulier 17b ‘Einde rechtspersoon’ aan het handelsregister.

Meer schulden dan baten

In dat geval is een faillissementsaanvraag door de vereffenaar vereist en vindt afwikkeling plaats door de curator volgens de regels van de Faillissementswet. 

Ontbinding zonder vermogen

In dit geval is bij ontbinding sprake van een ‘lege bv’ zonder baten, maar eventueel nog wel met schulden. In beide gevallen volgt ‘turboliquidatie’ zonder vereffening.

Bij een ontbinding zonder vermogen (‘geen baten’) eindigt de rechtspersoon onmiddellijk bij ontbinding. Vereffening is niet aan de orde want er is immers geen vermogen meer te verdelen.

Tot 15 november 2023 vond deze ‘turboliquidatie’ simpelweg plaats via een ontbindingsbesluit van de vergadering van aandeelhouders en melding aan het handelsregister.[4] Turboliquidatie was daarmee met veel minder wettelijke waarborgen omgeven dan ingeval van ontbinding met vermogen. Om misbruik van ‘turboliquidatie’, vooral ingeval van resterende schulden, te voorkomen is de wetgeving na de hiervoor genoemde datum aangescherpt.

Aanscherping wetgeving turboliquidatie

Regelgeving rond turboliquidatie is via de Tijdelijke wet transparantie turboliquidatie met ingang van 15 november 2023 voor twee jaar aangescherpt. Het doel van deze wet is om turboliquidaties transparanter te maken voor (mogelijk bewust of onbewust benadeelde) schuldeisers en een tijdelijk verhoogd risico (o.a. in verband met corona-schulden) op misbruik van dit proces tegen te gaan.

Onder de nieuwe wetgeving voor een ‘turboliquidatie’ moet het bestuur stukken opstellen voor de liquidatie / ontbinding.[5] Dit zijn:

  1. Een ontbindingsbalans en staat van baten en lasten over het ontbindingsjaar en over het voorgaande boekjaar als er op het moment van ontbinding over dat jaar nog geen jaarrekening openbaar is gemaakt;
  2. Een toelichting over de oorzaak van het ontbreken van baten;
  3. Een omschrijving van de verdeling van de wel aanwezige baten voorafgaand aan de ontbinding.
  4. De jaarrekeningen van boekjaren voorafgaand aan het boekjaar waarin de rechtspersoon is ontbonden, als daarvoor een publicatieplicht[6] bestaat waaraan nog niet is voldaan.

De stukken moeten binnen 14 dagen na het ontbindingsbesluit ter inzage worden gelegd bij de Kamer van Koophandel. De stukken moeten ook aan de schuldeisers beschikbaar worden gesteld. Doet de (gewezen) bestuurder dit niet dan kan sprake zijn van een economisch delict met een maximale boete van €22.500 (of zes maanden hechtenis) en/of een bestuursverbod.

De Memorie van Toelichting op de Tijdelijke wet transparantie turboliquidatie geeft hier nadere toelichting op.

Verslaggevingsverplichtingen

Het bestuur van een bv moet binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar de jaarrekening opmaken.[7] Deze vijfmaandstermijn voor opmaking van de jaarrekening kan door de algemene vergadering, wegens bijzondere omstandigheden, worden verlengd met maximaal vijf maanden.[8]

De opgemaakte jaarrekening moet worden vastgesteld door de algemene vergadering. Hiervoor is geen wettelijke termijn gegeven. Hierbij is wel wettelijk bepaald dat na vaststelling van de jaarrekening deze binnen acht dagen openbaar moet worden gemaakt door deponering bij het handelsregister.[9] Daarbij geldt een uiterste publicatiedatum van twaalf maanden na het verstrijken van het boekjaar.[10]

Verslaggeving bij ontbinding met vermogen

Bij een ontbinding met vermogen blijft de rechtspersoon na ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van het vermogen nodig is. Gedurende de periode dat de entiteit in liquidatie verkeert, resteert in principe de verplichting (voor de vereffenaar) om over een boekjaar een jaarrekening op te stellen, vast te stellen en te deponeren. Titel 9 van boek 2 blijft van toepassing. In de praktijk stelt de vereffenaar vaker een rekening en verantwoording op en geen complete jaarrekening.

Deponering blijft van belang als de 12-maandsperiode is verstreken op het moment dat de bv i.l. (in liquidatie) nog bestaat.

Verslaggeving bij ontbinding zonder vermogen (‘turboliquidatie’)

Ingeval er bij ontbinding geen baten zijn, geeft de wet geen verplichting om over het boekjaar waarin de rechtspersoon wordt ontbonden een jaarrekening op te stellen en/of te deponeren. De vennootschap is per direct ontbonden en heeft ook geen vereffenaar, bestuur, aandeelhouders, RvB of RvC meer. Als gevolg hiervan is er ook geen orgaan meer die de jaarrekeningverplichting op zich zou kunnen nemen. De vereffenaar zal volstaan met een eindbalans en staat van baten en lasten.

Over al verstreken boekjaren geldt hetzelfde mits de uiterste deponeringstermijn van 12 maanden nog niet is verstreken op het moment van ontbinding.[11]

Tijdige deponering van ‘boekjaar x-2’ blijft in verband met de behoorlijke taakvervulling en eventuele bestuurdersaansprakelijkheid uiteraard van groot belang.

Conclusies in de samenstellingspraktijk

  • Wees bedacht op de aangescherpte regelgeving en het juiste gebruik van ‘turboliquidatie’ (ontbinding zonder vermogen).
  • Verslaggevingsverplichtingen zijn ingeval van ontbinding zonder baten/vermogen anders dan ingeval van ontbinding met vermogen.
  • Bestuurders/vereffenaars moeten in verband met eventuele bestuurdersaansprakelijkheid alert zijn, vooral bij ontbindingen waarbij schulden resteren en ten aanzien van geldende publicatietermijnen.
  • Door het veelal beperkte praktische nut van een jaarrekening van een rechtspersoon in of na liquidatie wijken theorie en praktijk ten aanzien van verslaggeving af.

[1] scenario 4 volgens hoofdstuk A2 RJk- Raad voor de Jaarverslaggeving kleine rechtspersonen

[2] artikel 2:19 lid 1 BW

[3] KvK-formulier 17a Inschrijving Ontbinding rechtspersoon

[4] KvK-formulier 17a Inschrijving Ontbinding rechtspersoon

[5] Artikel 2: 19 lid 1 BW

[6] Artikel 2: 394 lid 3 BW

[7] artikel 2:210 BW

[8] artikel 2: 58 BW

[9] artikel 2:394 lid 1 BW

[10] artikel 2:394 lid 3 BW

[11] artikel 2: 19b lid 1 sub a c.q. c BW