Elke werkdag bereikbaar via 033 433 72 17
Nieuws

Moet ik nog een pensioenberekening laten maken?

Moet ik nog een pensioenberekening laten maken?

Mijn klant, DGA, heeft de pensioenregeling in 2017 gestaakt. Over de diensttijd vanaf 1 juli 2017 wordt geen pensioen meer opgebouwd. Kan ik de pensioenvoorziening nu gewoon jaarlijks met 4% oprenten?

Antwoord

Nee, oprenten met 4% is geen goede methode van waarderen. De fiscale voorziening is de actuariële contante waarde van de toekomstige uitkeringen. Actuarieel wil zeggen dat niet alleen rekening gehouden wordt met de rente (4%), maar ook met de leeftijd en sterftekansen. En wellicht moeten de pensioenaanspraken jaarlijks worden verhoogd met een index. Ook dat moet worden meegenomen in de fiscale waarde.

Zou u uitsluitend oprenten met 4% dan loopt de voorziening achter bij de werkelijkheid en kan er geen correcte aangifte vennootschapsbelasting worden gedaan. U heeft dus ieder jaar een actuariële berekening nodig, ook al is de opbouw van nieuwe pensioenaanspraken gestopt. Dit speelt overigens zowel vóór de pensioendatum als bij pensioen dat al wordt uitgekeerd.

Fiscale voorziening, RJ-waarde en commerciële waarde

De fiscale voorziening is van belang voor de aangifte vennootschapsbelasting en de jaarrekening op fiscale grondslagen. Maakt u een commerciële jaarrekening voor uw klant, dan moet u daarin de RJ-waarde (best estimate waarde) vermelden. Daarnaast kennen we de commerciële waarde die moet worden gehanteerd voor de dividendtoets. Wij adviseren deze laatste waarde te vermelden in de toelichting op de balans.

Voor de RJ-waarde en de commerciële waarde wordt – in tegenstelling tot de fiscale voorziening – geen vast maar een actueel rentepercentage gebruikt. Daardoor ontstaat er een onregelmatig verloop van deze voorzieningen. Los van de gestegen leeftijd en gewijzigde levensverwachting leidt een hogere rente tot een lagere voorziening en andersom. Oprenten met een vast percentage is voor deze waardes dus eveneens niet mogelijk.

Conclusie

Ondanks dat uw klant in eigen beheer geen nieuwe pensioenaanspraken meer opbouwt, moeten de voorzieningen toch op basis van actuariële grondslagen worden berekend.