Elke werkdag bereikbaar op 033 433 72 17
3 januari 2024 Nieuws

Heeft de aanpassing van de wettelijke rente gevolgen voor de overbedelingsschuld?

Helpdeskvraag

De wettelijke rente voor niet-handelstransacties is per 1 januari 2024 verhoogd naar 7%. Klopt het, dat dit gevolgen heeft voor de hoogte van de overbedelingsschuld van de langstlevende ouder aan de kinderen?

Antwoord

Dat kan zeker het geval zijn. Ik leg dat hierna uit.

De overbedelingsschuld

Is een van de ouders overleden en is bij de verdeling van diens nalatenschap alles toegedeeld aan de langstlevende ouder, dan hebben de kinderen een vordering op die langstlevende ouder gekregen. Bij het overlijden van die langstlevende ouder wordt de overbedelingsschuld, inclusief de eventueel bijgeschreven rente, opeisbaar. Deze schuld verlaagt de waarde van de nalatenschap van de langstlevende ouder.

Rente over de overbedelingsschuld

Had de eerst overleden ouder geen testament of is in het testament aangesloten bij de wettelijke regeling, dan is de rente over de overbedelingsschuld een enkelvoudige rente die gelijk is aan de wettelijke rente minus 6%. Sinds augustus 2003 was de wettelijke rente 6% of lager en was geen rente verschuldigd. Per 1 januari 2024 is de rente verhoogd van 6% naar 7%. Dit betekent dat de rente op deze overbedelingsschulden vanaf 1 januari 2024 1% (7% -/- 6%) bedraagt. Dit percentage geldt tot een volgende aanpassing van de wettelijke rente.

Overigens hoeft de rente niet werkelijk te worden betaald door de langstlevende ouder. De rente wordt bijgeschreven op de schuld en is volgens de wet pas verschuldigd, gelijk met aflossing van de schuld bij overlijden, failliet raken of in de schuldsanering terechtkomen van de langstlevende ouder.

Had de eerst overleden ouder wel een testament, dan is daarin wellicht bepaald of de overbedelingsschuld rentedragend is, wat de hoogte van die rente is, of daarvan mag worden afgeweken en op welk moment de schuld en de tot dan bijgeschreven rente opeisbaar zijn.

De invloed van de rente op een overbedelingsschuld

De hoogte van de rente over de overbedelingsschuld kan grote gevolgen hebben voor de verschuldigde erfbelasting bij zowel het eerste als het tweede overlijden. De fiscale waarde van de overbedelingsschuld is namelijk mede afhankelijk van de daarover verschuldigde rente.

Een hogere rente kan – over twee overlijdens gezien – de laagste belastingdruk geven. Is er echter bij het eerste overlijden geen liquide vermogen om de erfbelasting van te kunnen betalen of is de verwachting dat de nog levende ouder niet al te lang meer zal leven, dan is een lage of een nihil-rente wellicht een gunstiger optie.

TIP: de overbedelingsschuld van de langstlevende ouder op de kinderen is gedefiscaliseerd en hoeft dus niet in de aangifte inkomstenbelasting te worden meegenomen. Wij adviseren om hoogte van de vordering wel goed vast te leggen in bijvoorbeeld het aangiftedossier, omdat dit van belang is bij het overlijden van de langstlevende ouder.

Meer weten? Bekijk dan de volgende cursus: