Uit jurisprudentie wordt de uitspraak: ‘je hoeft niet meer te komen’ of iets dergelijks, aangemerkt als ontslag op staande voet. De voorwaarden die aan een ontslag op staande voet worden gesteld zijn zeer streng en het ontslag moet dan ook in de lijn liggen van het ‘ultimum remedium’, het laatste redmiddel.
Zelden voldoet een werkgever aan de drie eisen voor ontslag op staande voet waaraan volgens een rechter voldaan moet worden, namelijk:
- Dringende reden. Er moet sprake zijn van een ernstige gedraging waardoor van de werkgever redelijkerwijs niet kan worden verwacht de arbeidsovereenkomst voort te zetten. Denk aan diefstal/fraude of ernstige schending van vertrouwelijkheid.
- Onverwijld gegeven. De werkgever moet het ontslag zo snel mogelijk geven nadat de dringende reden bekend is geworden.
- Met reden bekleedt (onverwijld meegedeeld). De werkgever moet direct en duidelijk aan de werknemer meedelen waarom het ontslag op staande voet wordt gegeven. De reden moet voldoende concreet zijn, zodat de werknemer weet waarop het ontslag is gebaseerd.
Wat is een goede brief voor bevestiging ontslag op staande voet?
De volgende casus. Een werkgever, die denkt dat hij goed bezig is, schrijft na de aanzegging van het ontslag een brief aan werknemer dat hij ontslag op staande voet heeft gehad, waarbij hij de reden voor het ontslag vermeldt.
In eerste aanleg is dit goed, maar het venijn zit hem in wat de reden precies is en of deze voldoet aan de ‘dringendheid’. Wanneer meerdere ontslaggronden worden aangevoerd, is een zorgvuldige onderbouwing des te belangrijker.
Een werkgever die stelde dat de werknemer ‘herhaaldelijk de fout in was gegaan en dat het hier nu echt ophoudt’, voldoet niet aan de dringende reden. Het gevolg hiervan is dat de rechter een billijke vergoeding voor de werknemer en transitievergoeding toewijst.
Ook ging een werkgever eerder de fout in toen hij in zijn ontslagbrief noemde dat de grond voor het ontslag op staande voet was: ‘het klussen in de nieuwe huurwoning tijdens ziekte, zonder ons en/of de arbodienst daarover te informeren of toestemming te hebben gevraagd.’ Door deze omschrijving wordt de rechter gedwongen te beoordelen of de werknemer de verzuimregels heeft overtreden. Dat is iets anders.
Arbeidsongeschiktheid voor de eigen werkzaamheden betekent niet zonder meer dat een werknemer geen andere werkzaamheden kan verrichten, zoals in deze casus het uitvoeren van kluswerkzaamheden in de nieuwe woning. Het klussen hoeft geen belemmering te zijn voor zijn herstel.
De Hoge Raad was het in deze casus eens met de kantonrechter en het hof. In beginsel gaat het een werkgever niet aan hoe een werknemer zijn tijd tijdens ziekte besteedt. Het ontslag op staande voet werd door alle drie afgewezen en de werknemer werd in het gelijk gesteld.
Het had ook anders gekund. Namelijk door in de ontslagbrief te zetten dat de werknemer zich schuldig had gemaakt aan bedrog door zich ziek te melden, maar vervolgens te gaan klussen in zijn nieuwe huis. De rechter had dan op zijn minst kunnen toetsen of de gedragingen van de werknemer te kwalificeren zijn als ‘bedrog’. Dit had wellicht wel standgehouden.
Een andere route had kunnen zijn een ontbindingsverzoek op grond van ernstig verwijtbaar handelen werknemer, die zijn herstel belemmert door te klussen in zijn nieuwe huis. Uiteraard mits dat ook wordt vastgesteld door het Deskundigenoordeel van het UWV.
Advies
Speelt er een ontslag op staande voet? Niet meteen handelen. Eerst advies inwinnen bij een juridisch adviseur voordat je het ontslag aanzegt. Ilon Hemmelder kan je hierbij helpen.